Bezinning Man, Vrouw en Ambt
Studie naar bijbeluitleg, achtergronden en gevolgen van de synode-besluiten Meppel 2017
home nieuws start hier
werkgroepen
bronnen agenda over ons contact
Bart van Egmond

Bart van Egmond

woensdag 6 juni 2018
De bevrijding van man en vrouw

Een aantal weken nadat onze synode de ambten openstelde voor zusters in de gemeente, schreef prof. C. Van Dam in een reactie: ‘Dit is een symptoom van een dieper probleem. De synode heeft een nieuwe manier van het lezen van de Schrift omarmd; een manier die haar brengt tot slavernij, in dit geval slavernij aan de overheersende egalitaire cultuur van onze tijd.’1

    Het valt op dat Van Dam het gelijkheidsdenken van onze tijd ziet als een macht die de kerk in zijn greep wil krijgen. Daardoor worden christenen beroofd van de vrijheid die God hun gegeven heeft. Dat beeld van de cultuur waarin wij leven, is heel anders dan hoe zij zichzelf ziet. In onze cultuur wordt de gelijkheid van man en vrouw juist gezien als een teken van bevrijding. Vroeger lag je leven vast, als je vrouw was. Je werd geacht echtgenote en moeder te worden. Wie trouwde, kreeg een ontslagbrief op de mat. Nu is dat allang niet meer zo. Als vrouw heb je dezelfde rechten en kansen als mannen, al valt er op dat punt nog best wat te verbeteren. Daar is de seksuele bevrijding bij gekomen. Ieder mag zijn seksualiteit beleven zoals hij of zij dat wil, zolang de ander er maar mee instemt. Je mag ook zelf je seksuele oriëntatie kiezen en een relatie aangaan die lijkt op het huwelijk. Het homohuwelijk is ingevoerd. En homoparen hebben het recht om kinderen te adopteren. Recentelijk is daar de transgender-emancipatie bij gekomen. Je hebt het recht om zelf te bepalen of je als man of vrouw of als iets daartussenin door het leven wilt gaan.

    Voorvechters van de emancipatie zien deze ontwikkelingen als voortgaande bevrijding van mensen. Mensen worden bevrijd van de drukkende last van traditionele normen, die hun in de weg stonden écht zichzelf te kunnen ontplooien. In twee artikelen wil ik laten zien dat we hier te maken hebben met een agressieve ideologie, die inderdaad de kerk wil beroven van de vrijheid die God haar gegeven heeft. In dit artikel beschrijf ik de visie op ‘bevrijding’, zoals die in onze cultuur dominant is. In een volgend artikel wil ik laten zien hoe deze manier van denken ook doordringt in de kerk.

    Christelijke vrijheid voor mannen en vrouwen

    ‘God dienen is de ware vrijheid.’ Deze uitspraak, die wordt toegeschreven aan kerkvader Augustinus, vat goed samen wat de Bijbel onder vrijheid verstaat.2 Echt vrij ben je als je God liefhebt en zijn geboden gehoorzaamt. Zoals een vis tot zijn recht komt in het water, zo komt een mens tot zijn recht als hij vrijwillig luistert naar Gods geboden. Gods geboden zijn namelijk geen willekeurige regels, maar ze passen bij de natuur van de mens. Die natuur komt tot ontplooiing als de mens zich aan Gods geboden houdt, maar raakt ontregeld als hij zijn eigen gang gaat. Vanuit dit perspectief hebben christenen ook altijd gekeken naar de verhouding tussen man en vrouw. God schiep de mens mannelijk en vrouwelijk (Gen. 1:26). Die mannelijke of vrouwelijke natuur komt tot haar recht als die wordt beheerd volgens Gods bedoelingen. Het was Gods bedoeling dat man en vrouw niet als twee losse individuen zouden leven, maar juist zouden samenwerken in zijn dienst, als een twee-eenheid.3 In die relatie is de man het hoofd van de vrouw (1 Kor. 11:3). Hij is de eerstverantwoordelijke in het regeren van de wereld namens God. De vrouw is hem gegeven als onmisbare helper, met wie hij samen die roeping uitvoert.

    Dit onderscheid tussen man en vrouw heeft gevolgen voor hoe mannen en vrouwen zich tot elkaar verhouden op alle terreinen van het leven.4 Maar heel bijzonder komt het uit in het huwelijk. Door het huwelijk verbindt God één man en één vrouw aan elkaar voor het leven, om samen Hem te dienen. Daarin heeft de man als hoofd van zijn vrouw de roeping om haar te leiden, te verzorgen en te beschermen. En de vrouw heeft de opdracht om zich aan die heilzame leiding van haar man toe te vertrouwen en samen te werken in de dienst aan God. Centraal in die dienst aan de Here God door het huwelijk is het krijgen en opvoeden van kinderen. De seksuele verschillen tussen man en vrouw komen tot hun doel, als zij samen gehoor geven aan de opdracht van God om kinderen te krijgen. Daardoor worden zij, als God het geeft, vader en moeder, en krijgt hun verschillende aanleg een verdere ontplooiing in de manier waarop ze als vader en moeder zorgen voor hun kinderen.

    Door de zonde zijn mannen en vrouwen niet meer in staat de roeping die ze van God gekregen hebben, uit te voeren. Maar door Gods genade mogen ze weer leren ontdekken hoe God hen bedoeld heeft. Gods genade heft onze natuur niet op, maar herstelt onze natuur. In Christus mag je weer leren man en vrouw te zijn volgens Gods normen. In dit leven hebben we te kampen met blijvende zonde en gebrokenheid. Toch geeft God in die gebrokenheid écht een nieuw begin. Gods normen zijn de vruchtbare grond, waarin we als schepselen van hem weer tot bloei mogen komen, en vrucht mogen dragen voor onze Schepper (Rom. 6:22). Dit is wat christenen onder ‘bevrijding’ verstaan.

    ‘Bevrijding’ van man en vrouw in de Westerse cultuur

    Lang heeft deze visie op menselijke vrijheid onze cultuur gestempeld. God is de Schepper, wij zijn schepselen en komen tot ons recht als wij Hem gehoorzamen. Door de dominantie van het christendom in onze samenleving werden christelijke normen voor seksualiteit en de omgang tussen man en vrouw publiek erkend. Maar vanaf het einde van de achttiende eeuw gingen mensen zichzelf steeds meer begrijpen los van God. Dat leidde er uiteindelijk toe dat God zelf achter de horizon verdween. Mensen zien God niet meer als hun Schepper, die hen gemaakt heeft met een doel en herschept met het oog op dat doel. Wij zijn alleen in het heelal, de toevallige producten van de evolutie. Ons leven heeft geen doel en geen zin. Die zin moeten wij er zelf aan geven. Maar juist omdat je zelf zin aan je leven moet geven, heb je keuzevrijheid nodig. Je moet vrij zijn om zelf je leven te kunnen inrichten zoals jij dat wilt, niet gebonden aan zogenaamde ‘bovennatuurlijke’ normen.

    Zo ontstond er in de twintigste eeuw in onze samenleving een ideaal van absolute, individuele keuzevrijheid.5 Maar dit ideaal botste met de overgeleverde normen van het christendom. Die beperken je keuzevrijheid immers. En die werden in de samenleving nog wel erkend. Het huwelijk bijvoorbeeld, als een in principe levenslang verbond van één man en één vrouw, werd tot een paar decennia geleden door iedereen als normaal gezien. Er kwam dus een beweging op gang die met die overgeleverde normen wilde afrekenen. Ze moesten worden ‘gedeconstrueerd’. Deconstrueren betekent dat je laat zien dat vanzelfsprekende normen niet objectief waar zijn, maar bedacht door mensen, die daarmee anderen onderdrukken. Die andere mensen moeten worden bevrijd van de last van vanzelfsprekende normen om werkelijk zichzelf te kunnen ontplooien.

    Deze beweging leidde er in de jaren ’60 toe dat het huwelijk onder kritiek kwam te staan. Het werd niet langer gezien als een instelling van God, waarin man en vrouw tot ontplooiing konden komen. Het werd neergezet als een onderdrukkend instituut, uitgevonden door mannen, om de vrouw klein te houden. Het hield haar tegen verantwoordelijkheid te nemen voor haar eigen leven. Simone de Beauvoir, een bekende existentialistische filosofe, schreef in haar boek De Tweede Sekse (1949): ‘Je wordt niet als vrouw geboren, je wordt er een.’6 En hoe gebeurt dat? Doordat je als vrouw in de samenleving wordt gezien als toekomstige echtgenote en moeder van kinderen. Je vrouw-zijn wordt altijd bepaald vanuit het perspectief van de man. En daardoor kun je nooit écht zelfstandig worden, niet zelf bepalen wie je wilt zijn en hoe je je leven wilt inrichten. Van die last moest de vrouw bevrijd worden. Daarom vochten emancipatieverenigingen ervoor dat vrouwen carrière konden maken. Dat ze makkelijker konden scheiden. En ook dat ze baas werden in eigen buik, door middel van de pil en de legalisering van abortus. Wat hier in feite gebeurde, was dit: in naam van de vrijheid moest de vrouw haar vrouwelijke eigenheid verloochenen.7 Vruchtbaarheid, zwangerschap en moederschap werden gezien als belemmeringen om jezelf als vrouw te ontplooien.

    Ook de seksualiteit werd gedeconstrueerd. Tot dan toe was seksuele gemeenschap gekoppeld aan het huwelijk tussen man en vrouw, en gericht op het krijgen van kinderen. Maar die norm werd onder kritiek gesteld. Onder invloed van psychologen als Freud werd gesteld dat vrije seksualiteitsbeleving nodig is om je als mens harmonieus te kunnen ontwikkelen.8 Seks is gewoon een menselijke basisbehoefte zoals eten en drinken. Wie dan seksuele normen aanlegt, onderdrukt de driften, wat leidt tot frustratie en agressie. Daarom moest je seks kunnen hebben met verschillende mensen en buiten het huwelijk, om die behoefte de vrije loop te kunnen laten. Mede door de uitvinding van de pil werd het mogelijk om seks te gaan zien als een doel in zichzelf, losgekoppeld van de huwelijksrelatie tussen man en vrouw, en het krijgen van kinderen.9

    Een logisch gevolg was dat het praktiseren van homoseksualiteit steeds normaler werd. Als seksuele gemeenschap losgekoppeld wordt van het huwelijk en van het krijgen van kinderen, waarom zou die dan niet gepraktiseerd kunnen worden tussen mensen van hetzelfde geslacht? In het verlengde van deze verschuiving ontstond er een lobby voor de invoering van het homohuwelijk. Dat was overigens niet zozeer een gevecht om ook als homopaar getrouwd te kunnen zijn. De strijd om het homohuwelijk was eerder een manier om de normativiteit van heteroseksualiteit in de samenleving verder te bestrijden. Het huwelijk was immers een instituut dat de norm van de heteroseksualiteit ondersteunde. Als dat instituut werd opengesteld voor homoparen, zou ook de norm van de heterosekualiteit worden ondergraven.10

    Recent kwam hier ook nog de genderrevolutie bij. Het is een feit dat er een klein percentage mensen is dat zogenaamde genderdysforie ervaart: je bent biologisch gezien man of vrouw, maar je voelt je niet zo. De genderrevolutie maakt hier echter een ideologie van: jij bepaalt, onafhankelijk van je geslachtskenmerken, hoe je door het leven wilt gaan. Je kunt mannelijke geslachtskenmerken hebben, maar als vrouw door het leven willen gaan. Of andersom. Je kunt tussen deze identiteiten ook willen wisselen. Daarom is het idee opgekomen voor genderneutrale toiletten en treinabonnementen waarop het geslacht van de reiziger niet meer vermeld staat. Omdat dat ‘onderdrukkend’ kan werken voor de persoon die zich in dat stempeltje niet herkent. Ieder moet zelf kunnen bepalen wat het betekent om man of vrouw te zijn, of iets daartussenin.

    Vernietiging van man en vrouw

    Wat je dus in onze westerse samenleving ziet, is dat alle normen die God gegeven heeft voor de omgang van man en vrouw, als onderdrukkend worden weggedaan. Zelfs het geslachtelijke onderscheid als zodanig wordt niet meer erkend. Wie écht vrij wil zijn, mag daar niet aan gebonden worden. Gabriele Kuby, een rooms-katholieke sociologe die een boek over de seksuele revolutie heeft geschreven, beschrijft op basis van sociologisch onderzoek de verschrikkelijke gevolgen daarvan. Wat als bevrijding wordt gepresenteerd, is uiteindelijk vernietiging van het echte mens-zijn, zoals God het bedoeld heeft. Omdat alles draait om het behouden van je persoonlijke vrijheid en het beleven van persoonlijk genot, verliezen mensen de bereidheid om écht lief te hebben, trouw te zijn en verantwoordelijkheid te nemen voor man, vrouw en kinderen. Het geboortecijfer daalt, families vallen uit elkaar, steeds meer kinderen lijden aan psychische stoornissen, en miljoenen kinderen worden gedood in de moederschoot.11

    Een macht die de kerk bedreigt

    Op welke manier wordt de kerk nu bedreigd? Kuby laat in haar boek zien dat we in onze samenleving te maken hebben met een totalitaire ideologie, die gericht is op het veranderen van ons denken. Die ideologie is uitgewerkt in beleidsdocumenten van overheden, en beheerst de meeste media en allerlei onderwijsprogramma’s. Voortdurend wordt erop gehamerd dat iedereen recht heeft zijn leven op zijn manier in te vullen, en dat je de ander onderdrukt je zijn levensstijl afkeurt. Je wordt dus gedwongen om mee te gaan in de gedachte dat de werkelijke bevrijding van de mens bestaat in het volgen van je eigen impulsen, in plaats van in gehoorzaamheid aan Gods geopenbaarde wil voor ons leven. Overigens is het daarbij niet zo dat je je christelijke levensovertuiging niet mag vasthouden. Je mag die alleen niet meer zien als de enige ware. Het is een persoonlijke keuze, maar geen gehoorzaamheid aan de waarheid, die geldt voor alle mensen. Als je dat zegt, ben je intolerant, en wordt je discriminatie verweten.12 Hier blijkt: het gelijkheidsdenken in onze maatschappij verdraagt geen absolute waarheid. Het dwingt je om de christelijke levensovertuiging te zien als een willekeurige keuze die misschien voor jou werkt, maar die zeker niet beter is dan een andere. En daarmee word je in feite gedwongen te ontkennen dat er een persoonlijke God is die ons zijn wil geopenbaard heeft, en aan wie wij gehoorzaamheid verplicht zijn. Als Hij al bestaat, bepaal jij zelf in hoeverre je Hem invloed in je leven wilt laten uitoefenen. Want uiteindelijk ben jij de baas over je leven. Écht vrij zijn is immers zelf kunnen kiezen. De postmoderne tolerantiegedachte lijkt heel verdraagzaam, maar ondertussen vraagt ze van ons Gods gezag te verwerpen. Wie dat doet, kiest niet voor de vrijheid, maar voor nieuwe slavernij.

    De vrijheid van de kerk

    Hoe behoudt de kerk haar vrijheid? Door te blijven bij het Woord van God, waardoor de Here ons vrijheid geeft. Dat is de vrijheid van schuld door de vergeving van onze zonden, en ook de vrijheid van het weer mogen leren doen van zijn wil, door de kracht van de Heilige Geest. Die wil van God, ook over de relatie tussen man en vrouw, openbaart Hij ons in de Bijbel. Alleen als wij de Bijbel als Gods duidelijke Woord blijven eerbiedigen, zullen we bestand blijven tegen het morele relativisme dat ons overspoelt. Op dat punt hebben wij, denk ik, ook veel opnieuw te ontdekken. Bijvoorbeeld als het gaat om de eigenheid van man en vrouw in huwelijk en samenleving, en de koppeling tussen seksualiteit en het krijgen van kinderen. Maar dan mogen we ook verwachten dat christelijke mannen en vrouwen mogen ervaren en getuigen dat het dienen van de Here, volgens zijn Woord, écht goed voor mensen is.

    Op dit punt komt de waarschuwing van prof. Van Dam tegelijk heel dichtbij. Als wij de Bijbel gaan lezen door de bril van onze eigen cultuur en op eigen gezag bepaalde zaken afdoen als tijdgebonden, dan zijn we in feite slaven geworden van het gelijkheidsdenken van onze tijd. Dan houden we misschien voor een tijd nog wel christelijke overtuigingen over man, vrouw en seksualiteit over, maar die bestaan dan slechts bij de gratie van onze eigen willekeur. En dan zal de volgende generatie de liefhebberij van zijn eigen ouders overboord zetten, en verder meegesleurd worden in de manier van denken over en leven als mannen en vrouwen, die als bevrijdend wordt gepresenteerd, maar leidt tot de dood (vgl. Rom. 6:23).

    Uit Nader Bekeken jrg. 25, nr. 4, april 2018 - Bart van Egmond


    Noten

    1. C. Van Dam, ‘Our Sister Churches Open All Ecclesiastical Offices to Women’, op 15-07-2017 gepubliceerd op www.eeninwaarheid.info (geraadpleegd op 15 maart 2018). Het Engelse citaat luidt: ‘That decision is a symptom of a deeper, underlying problem. The Synod has embraced a new way of reading Scripture; a way which brings them into bondage, in this case into the bondage of the prevailing egalitarian culture of our day.’
    2. Letterlijk komt deze zin bij Augustinus overigens niet voor, maar hij vat gArtikel Bevrijding Nader Bekeken Bart van Egmondoed samen hoe Augustinus over vrijheid denkt. Een uitspraak die erop lijkt, is bijvoorbeeld te vinden in De Stad van God (vert. en ing. door Gerard Wijdeveld), Amsterdam 2007 (5e druk), p. 645: ‘De wilsbeslissing is dus pas werkelijk vrij, wanneer zij zich niet dienstbaar maakt aan tekorten en zonden.’
    3. J. van Bruggen, Emancipatie en Bijbel. Kommentaar uit 1 Kor. 11, Amsterdam, 1975, p. 55.
    4. Van Bruggen, Emancipatie en Bijbel, p. 31-33. Ik volg hier de uitleg van Van Bruggen bij 1 Kor. 11:3, hoewel ik zelf ook nog op zoek ben wat dit betekent voor de man-vrouwrelatie buiten het huwelijk om.
    5. Gabriele Kuby, Die Globale Sexuelle Revolution. Zerstörung der Freiheit im Namen der Freiheit, Fe-Verlag, Regensburg, 20166, p. 22.
    6. ‘On ne nait pas femme, on le devient.’ Zie over de invloed en ontvangst van dit boek in het feminisme van de jaren ’60 en later: Maarten Verkerk, Sekse als antwoord, Amsterdam, 1997, p. 80-81.
    7. Kuby, Die globale sexuelle Revolution, p. 65.
    8. Kuby, Die globale sexuelle Revolution, p. 54,72.
    9. Zie voor de negatieve maatschappelijke gevolgen van de pil, Mary Eberstadt, Adam and Eve after the Pill. The Paradoxes of the Sexual Revolution, San Francisco, 2012.
    10. Albert Mohler, We Cannot Be Silent. Speaking Truth to a Culture Redefining Sex, Marriage and the very Meaning of Right and Wrong, Nashville, 2015, p. 58.
    11. Kuby, Die globale sexuelle Revolution, p. 25. Daar komt bij dat mensen ook onderworpen raken aan nieuwe machten die ons vertellen wat goed is voor ons. Als de christelijke normen rond seksualiteit verdwijnen, komen er nieuwe normen voor in de plaats. Absolute, individuele zelfbeschikking bestaat gewoon niet. In onze samenleving is het bijvoorbeeld norm geworden dat je je seksuele impulsen kunt uitleven met elkaar. Dat is gewoon een basisbehoefte, net zoals eten en drinken. Die moet bevredigd kunnen worden. Daar springt de markt op in door die seksuele bevrediging aan te bieden en verder te stimuleren. Dat verklaart overspelsites als Second Love en het enorme aanbod aan pornografie. Met alle leed dat het met zich meebrengt in relaties. Zie: Kuby, Die globale sexuelle Revolution, p. 202-222.
    12. Kuby, Die globale sexuelle Revolution, p. 187.

    « Was Eva onvoldoende "gevormd"? - Video - Tussen biblicisme en schriftkritiek - Dr. Pieter Boonstra »